The Truman Show

The Truman Show (1998) recensie

Jim Carrey is altijd al een lolbroek geweest. Vooral in het begin van de jaren 90 speelde de komiek in hilarische komedies zoals Ace Ventura: Pet Detective, The Mask en Dumb & Dumber. Zelfs in de actiefilm Batman Forever liet hij zich van zijn komische kant zien in de rol van Batman’s cynische vijand The Riddler. En toen verscheen The Truman Show; een tragikomedie van regisseur Peter Weir waarin Carrey niet de lolbroek met zijn kenmerkende mimiek en inmiddels beroemde catchphrases moest uithangen. De grote vraag is dan ook of de acteur in een film als deze tot zijn recht komt.

Het antwoord is ja, want in het door Andrew Niccol geschreven verhaal is er genoeg ruimte voor humor hoewel er meer focus ligt op Truman’s ontdekkingsreis naar de wereld buiten zijn woonplaats Seahaven. Maar zijn ongekende angst voor water en het onbekende zorgt ervoor dat de inmiddels volwassen man nog nooit het eiland heeft verlaten. Terwijl hij een droom heeft om ooit zijn woonplaats in te ruilen voor een leven op een van de eilanden van Fiji.

Wat Truman niet weet is dat zijn dagelijkse leven gevolgd wordt met duizenden camera’s die iedere actie van de verzekeringsagent vastleggen en uitzenden naar miljoenen kijkers over de hele wereld. De nietsvermoedende goedzak leeft in een realityshow die door televisiemaker Christof (Ed Harris) is gemaakt. De show volgt Truman al vanaf zijn geboorte en de makers weten al jaren geheim te houden dat zijn leven niets meer is dan een gigantische set waar de fictieve stad en duizenden figuranten het normale leven nabootsen. Alleen Truman’s acties zijn authentiek.

Jim Carrey speelt de rol van de onwetende en ietwat zwaarmoedige Truman uitstekend en als kijker leef je met hem mee. Je hoopt gewoon dat hij de waarheid achter zijn bestaan ontdekt en dat hij ooit de gevangenis waarin hij leeft verlaat om zijn geluk te achtervolgen. Zijn ontdekkingsreis naar de wereld buiten Seahaven en de realityshow is even aangrijpend als komisch terwijl de geniepige Christof er alles aan doet om de ster van zijn show gevangen te houden. Het is te danken aan het goede spel van Ed Harris dat hij in de korte schermtijd die hij krijgt een indrukwekkende schurk weet neer te zetten.

De Australische regisseur Peter Weir heeft na The Truman Show helaas weinig meer gedaan, maar een van zijn laatste films is wel een zeer goede tragikomedie te noemen die als aangrijpend en komisch bestempeld mag worden. De film ligt allesbehalve zwaar op de maag, maar het is ook niet zo dat Carrey van het ene in het andere komische fragment duikt. En ik vind het wel prettig om de komiek eens in een andere rol te zien dan die ik van hem gewend ben. Ik ben blij dat ik deze film – die ook op mijn 2016 Blindspot films lijst staat – eindelijk heb gezien en in alle eerlijkheid had ik dat eigenlijk veel eerder moeten doen.

Film beoordeling:
[usr 4.0 size=20]

 DVD algemeen

Paul Hauer

Eigenaar van het Nederlandstalige filmblog Filmliefhebber.com. Kijkt meer dan 300 films per jaar. Is een fan van de films van Quentin Tarantino, Nicholas Winding Refn en Darren Aronofsky. Kijkt bijna alles, maar heeft een lichte voorkeur voor horrorfilms en Science Fiction.

5 gedachten over “The Truman Show (1998) recensie

  1. Een klein meesterwerkje! Zeker als je bedenkt dat in 1998 het hele reality / Big Brother gebeuren eigenlijk nog geen rol van betekenis speelde. De film was zijn tijd ver vooruit en Carrey vertolkt 1 van zijn beste rollen.

    1. Haha, nee dat had ik niet echt, maar ik denk dat het effect ook sterker was toen het hele “Big Brother” gedoe en het altijd connected zijn nog niet zo aan de orde was 🙂

  2. Veruit de beste film van Jim Carrey. Peter Weir is een goeie regisseur die toch een aantal fantastische films op zijn palmares heeft staan. The Truman Show en Dead Poets Society behoren tot mijn favoriete films aller tijden. Hij begon ooit met arthouse films, zoals Picnic At Hanging Rock en The Last Wave. Twee hele speciale films maar wel de moeite waard om te bekijken. Hij beleefde zijn topjaren in de jaren ’80 met een aantal pareltjes: The Year Of Living Dangerously, Gallipoli, Witness & The Mosquito Coast. Maar ook in de jaren ’00 maakte hij nog twee meer dan verdienstelijke films, m.n. Master And Commander & The Way Back. Een beetje miskend, maar een regisseur met een heel mooi palmares.

Geef een reactie